Techniekonderwijs boosten met innovatieplein

Een innovatieplein voor onderbouw, bovenbouw en zelfs voor basisonderwijs: Schaersvoorde in Aalten heeft het! Of althans, bijna. Zij ontwikkelen een plein waarop leerlingen kennis maken met techniek in de breedste zin, technische apparatuur en het bedrijfsleven. Afdelingsleider Petra Holthausen en docenten Dick Hobé en Freddie Oonk vertelden ons er alles over.

Bekijk als één van de eersten ons interactieve platform!

“Eigenlijk lag dit plan al 6 jaar op de plank. We hebben destijds al beoogd om een inspirerende, enerverende plek voor leerlingen te bieden waar innovatie en creativiteit centraal staan. Destijds was dat financieel helaas niet haalbaar, maar door de samenwerking met scholen uit de regio en de steun vanuit Sterk Techniekonderwijs kunnen we dit nu gefaseerd uitvoeren,” legt Oonk uit. Hij is docent Produceren Installeren Energie (PIE) en samen met collega Hobé zeer betrokken voor het project. Hobé is docent Bouwen Wonen Interieur (BWI) en vult aan: “We zijn nu druk aan het bouwen, hopelijk zijn we in september klaar.”

Techniekonderwijs een nieuwe boost geven

Het innovatieplein moet zorgen voor nieuwe energie. Oonk: “Voor zowel de technische profielvakken in de bouwenbouw, als bij oriëntatie in de onderbouw. En zelfs ook voor basisscholen.” Op het plein vinden al deze leerlingen inspiratie op het gebied van techniek. “De inhoud van het innovatieplein is afgestemd op de omliggende industrie. We hebben met onze plannen echt gekeken naar welke bedrijvigheid om ons heen aanwezig is en wat we daarmee willen. Op die manier sluiten we aan op het bedrijfsleven én hebben we gelijk mooie samenwerkingen te pakken.”

Doorlopende leerlijn in techniekonderwijs

Dat ook afdelingsleider – en coördinator van Sterk Techniekonderwijs binnen het Schaersvoorde – Petra Holthausen hier blij van wordt is duidelijk. “Er staan straks moderne technologische apparaten waarmee leerlingen ook te maken krijgen als ze naar het vervolgonderwijs gaan. Het is echt een opstapje. We prikkelen ze door van alles te laten zien op het innovatieplein. Nu denken leerlingen vaak nog dat ze vieze handen krijgen van techniek, maar dat is niet zo. Ze hebben een beeld dat niet overeenkomt met de praktijk en het bedrijfsleven in de Achterhoek. Met het innovatieplein willen we laten zien wat techniek in de toekomst inhoudt,” vertelt ze enthousiast.  

Die doorstroom naar het MBO heeft ook Oonk in het vizier. “In de Achterhoek stemmen we het programma van Sterk Techniekonderwijs – en dus ook ons innovatieplein – af op de doorstroom van het VMBO naar het MBO. We krijgen nu echt de kans om de nieuwste technieken uit het bedrijfsleven op de kaart te zetten. We laten leerlingen bijvoorbeeld al kennis maken met programma’s voor 3D tekenen, digitale geletterdheid, AR/VR en het instellen van een lasersnijder.”


Leerlingen enthousiasmeren voor techniek

Volgens Hobé is het niet moeilijk om leerlingen enthousiast te krijgen. “Dat doen we door te zorgen dat je de modernste technieken hebt. Maar alles wat je met je mobiel kan doen bijvoorbeeld, en social media, dat is ook techniek. Leerlingen beseffen dat vaak niet.” Bewustwording is dan de eerste stap. Daarna moet techniek onderdeel worden van de basis, voor alle profielen. “We hebben ook een zorgrobot,” vertelt Oonk vol trots. “Zo motiveer je ook leerlingen die voor zorg en welzijn gaan kiezen. Of we laten leerlingen van profiel groen met een foodprinter werken. Ze printen dan chocola of sla bijvoorbeeld.” Hobé vult dit graag aan: “Zo doe je het samen. Je krijgt iedereen betrokken en de hele school krijgt een boost door dit innovatieplein.”  

Flexibele en laagdrempelige insteek

Het project wordt breed gedragen. Maar het innovatieplein bevindt zich toch echt op het Stationsplein, waar enkel de bovenbouw les krijgt. Holthausen legt uit hoe ze dit aanpakken: “De bovenbouw kan natuurlijk altijd in en uit lopen. De docent gaat dan met groepen leerlingen naar het plein. Maar de onderbouw kan ook op bezoek komen. Dit doen we ter voorbereiding op de bovenbouw en om de profielkeuze gemakkelijker te maken. Leerlingen ontdekken op het innovatieplein dan wat het betekent om te kiezen voor techniek.”

Mochten de leerlingen niet op bezoek kunnen komen, dan is er nog een andere oplossing. “Onze machines staan op verrijdbare karren. Zo kunnen we ze van locatie naar locatie vervoeren. Op die manier hoeft de onderbouw ook niet telkens naar het Stationsplein te komen. Wij komen wel naar ze toe. En maken het dan nóg laagdrempeliger,” legt Hobé uit. “Die machines op karren heeft ook nog een ander voordeel,” geeft Oonk ondertussen aan. “Je rijdt een apparaat zo ook gemakkelijk even een theorielokaal binnen. Bijvoorbeeld tijdens een Wiskunde of NASK les.”

Profielkeuze voor de bovenbouw

De middelen voor goede oriëntatie en het kiezen van een technisch profielvak zijn er dus. Maar hoe zorgen de leraren ervoor dat leerlingen hier ook daadwerkelijk voor gaan? “Dat is soms best lastig,” geeft Oonk eerlijk toe. “Een dikke kanttekening is dat je een leerling kunt proberen met de nieuwste snufjes en technologie over de streep te krijgen, maar als je dat niet kan bieden ga je nat. Mede daarom is dat innovatieplein ook zo belangrijk. Ik probeer eigenlijk altijd werkstukken te laten zien en onze methoden uit te leggen, om de leerlingen wel een reëel beeld te geven. Maar bovenal geldt: kies wat je leuk vindt.”

Holthausen benadrukt bij de profielkeuze ook het belang van voorbeeldrollen. “Leerlingen die voor techniek kiezen, doen dat vaak heel bewust. Ouders spelen hierin een grote rol. Veel vaders, ooms, moeders of tantes werken in beroepen waarover aan de keukentafel veel wordt gesproken. Als dat techniek is, dan krijg je dat met de paplepel ingegoten. Is het zorg, dan zien we dat ze sneller kiezen voor een ander profiel. Leerlingen spiegelen zich dus echt aan hun voorbeelden.”

Gekozen voor techniek en dan aan het werk…

Tot slot willen de trotse docenten nog graag twee succesverhalen met je delen. Hobé: “Ik had ooit een leerling die zou zakken omdat hij een onvoldoende voor Engels stond. Met man en macht heeft hij het toch gehaald en ging hij naar het MBO. Daar is hij later gevraagd om leraar te worden. Dit bewijst maar weer: je hoeft echt niet de hoogste cijfers te hebben voor jouw algemene vakken. Als je maar excelleert in je profielvakken. En je daarin thuis voelt.”

Oonk: “Ik herinner me een dame die bij ons al de basis van technisch tekenen had geleerd. En onder de knie kreeg. Goed ook! Ze werkt nu als werkvoorbereider, tekenaar en heeft gewoon een toppositie. Wij hebben aan haar basis bijgedragen en daar ben ik ontzettend trots op.”